Fitinspiratie: zijn fitte rolmodellen een goede inspiratiebron?


Google het woord ‘fitinspiratie’ en je krijgt enorm fitte en strakke lichamen te zien. De bedoeling hiervan is om andere sporters te inspireren. Maar helpt dit ook echt om anderen te motiveren? Is het wel verstandig om te fitte mensen als voorbeeld te nemen?

Onderzoek naar fitinspiratie
Allereerst is het belangrijk om het begrip fitinspiratie uit te leggen. Fitinspiratie is een nogal abstract begrip. Wij omschrijven het als sporters die anderen proberen te inspireren door middel van leuke foto’s en video’s. Heel mooi zou je in eerste instantie denken… Maar werkt dit ook zo goed? Uit verschillende onderzoeken blijkt dat fitte voorbeeldfiguren er niet voor zorgen dat jij harder gaat trainen. Integendeel: er blijkt een relatie te bestaan tussen de blootstelling aan foto’s van dunne gespierde modellen met een lagere tevredenheid met het eigen lichaam en een grotere kans op eetstoornissen (bij met name vrouwen) en een verminderde stemming. Hoe kan het dat fitte lichamen niet werken als motivatiebron?

Extrinsieke doelen
Om uit te leggen waarom fitinspiratie niet goed werkt, is het belangrijk om eerst de link te leggen met extrinsieke doelen. Veel (jonge) mensen sporten voor een fitter lichaam. Dit zijn handelingen omwille van een uitkomst die buiten de activiteit gelegen is. Dit wordt binnen de psychologie ook wel een extrinsieke doel genoemd. Fitness is dan een middel, en niet een doel op zich. Dus niet de activiteit fitness, maar datgene wat je met fitness bereikt (meer spieren, afvallen, een bepaald gewicht wegdrukken) zijn dan de belangrijkste bronnen van motivatie. Het kan zeer belonend werken als je merkt dat je fitter wordt en je merkt dat de eerste kilo’s er afvliegen. 

Vergelijk je niet te veel met anderen

Al gauw zul je merken dat als je een topfysiek wil bereiken dit jarenlange training vereist. Iets dat lang niet voor iedereen is weggelegd. Veel mensen hebben niet de aanleg om snel gespierd te worden en worden alleen maar onzeker als zij de overtuiging krijgen dat zo’n topfysiek de norm is.

De focus op extrinsieke doelen kan mensen dus ontvankelijk maken om zichzelf te vergelijken met anderen. Want om te bepalen of je gespierd bent of sterk bent, vergelijken veel mensen zich met anderen. En vaak vergelijken wij onszelf met mensen die het beter hebben: bij de buurman is het gras altijd groener. Dit is zonde van de energie, want deze focus ondermijnt het plezier dat je kan beleven aan een activiteit.

Kies een activiteit die je leuk vindt
Het is een open deur, maar je houdt activiteiten langer vol als je het leuk vindt. Ik vind het bijvoorbeeld fijn om hard te lopen en dit te combineren met groepslessen. Voor mij kosten deze activiteiten weinig moeite, omdat ik er meestal een goed gevoel van krijg.

Maar ga ik mij nu bij bijvoorbeeld bij het fitnessen alleen focussen op de uitkomst, dan raak ik waarschijnlijk gedemotiveerd, omdat vooruitgang veel tijd en moeite kost. De lijn van progressie is namelijk vaak niet lineair (stijgende lijn), maar heeft vaak ups en downs.

Focus meer op het proces in plaats van alleen op de uitkomst
Kies voor doelen die gericht zijn op het proces in plaats van alleen op de uitkomst. Bijvoorbeeld: ik ga vandaag een specifiek schema afwerken en aan het einde van de dag wil ik deze techniek beheersen. Aan het begin van de sessie weet je bijvoorbeeld niet hoe je moest squatten, maar aan het eind van de sessie ben je er al een stuk beter in geworden.

Realistische doelen met kleine stapjes
Het is belangrijk om realistische doelen te stellen. Voor iemand met veel overgewicht en weinig vertrouwen is het al heel knap als diegene zichzelf bij elkaar heeft geraapt om weer te gaan wandelen – of een andere fysieke activiteit heeft ondernomen. Realistische doelen en kleine stapjes werken beter omdat je vaker een gevoel van beloning krijgt, simpelweg doordat deze doelen makkelijker te behalen zijn. Heb je hier hulp bij nodig? Vraag één van onze instructeurs voor hulp!